Doris

Paul Lammers, 24.06.2010





Op een flinke steenworp afstand van de Kieler Förde, ligt de oude
stadswijk waardoor de Knooperweg als een ader loopt. De panden uit
witte en rode stenen opgetrokken, geven een aardig beeld van Kiel en
hoe de mensen hier lang geleden moeten hebben geleefd. De voorgevels
met hun kleine ramen en donkerbruin gelakte deuren zeggen heel veel
zonder een woord te spreken. Wat spreekt is het moderne leven. Het
alledaagse dat langzaam maar gestaag meer vat krijgt op de omgeving,
getuige de etalages en de mensen die behoorlijk veel haast schijnen te
hebben. Op weg naar iets. Knooperweg.
------------------------------------------------------------------
Om vroegere tijden te laten herleven vereist fantasie, inlevingsvermogen
en vooral de tijd nemen om te kunnen wegdromen. Gezeten op een
afgebrokkeld, halfsteens muurtje laat ik mij derhalve verrassen door de
gevels, de planten, de bomen. Door alles wat zij mij kunnen vertellen
zonder een woord te spreken. De beelden van een wereld geabsorbeerd
door schijnbaar levenloze dingen. De voordeur als boek. De straatstenen
als bibliotheek. De boom als stille metgezel in een wereld die snel
verandert en mij inzicht geeft in een tijd die eens was. Langzaamaan ben
ik daar, op dat muurtje gezeten, op weg een ander tijdsbestek binnen te
gaan. Knooperweg.
------------------------------------------------------------------
Uit de algehele sfeer merk ik dat ik gaandeweg in de vijftiger jaren ben
beland. In mijn hoofd althans. Ik zie pasteltinten auto?s en ik hoor
vrolijke muziek als antwoord op een gitzwarte periode die achter ons ligt.
Aan een wolkenloze hemel staat de zon. Het is aangenaam warm op deze
vroege lentedag. Op enkele auto'?s na is het rustig in de straat.
Op Knooperweg nummer 163 zie ik in de deuropening van een uit rode steen
opgetrokken pand, een meisje tevoorschijn komen. Zij kijkt mij vriendelijk
lachend aan en loopt zonder te dralen naar een naast het pand gelegen
grasveld. Een grasveld dat, in de zichtbare metamorfose naar een heus
park, danig overhoop is gehaald door mensen van de gemeente.
In de schaduw van de resten van een oude boom aan de rand van het
grasveld, neemt zij plaats en begint in een boek te lezen. Haar lange,
blonde haren hangen voor haar smalle gezicht en haar jurkje waait op in
de zachte lentebries. Zij krijgt niets mee van een paard en wagen met
arbeiders die vanaf de andere kant van de Knooperweg stopt bij het park
in spé. Nieuwsgierig geworden stap ik op de mannen af en knoop een
praatje aan door mij aan iedereen voor te stellen. Al snel is mij duidelijk
dat de mannen werken in opdracht van de Kieler gemeente aan het park aan
de Knooperweg.
------------------------------------------------------------------
De chef, ene Michael, zit op het paard en geeft op luide toon aanwijzingen
aan de arbeiders. De rest van de mannen zitten op de kar met hun
schoppen, pikhouwelen en harken in de aanslag. Het meisje is zo diep
verzonken in haar boek dat zij van het hele schouwspel niets mee krijgt.
Uit een raam aan de andere kant van de straat klinkt Bill Hailey?s Rock
around the clock. Maar de arbeiders, nauwelijks in een rock and roll
stemming, beginnen ieder voor zich met de werkzaamheden. Een man die
luistert naar de naam Jochen bekommert zich om de afscheiding park en
straatrand en ene Martin is er voor het spitwerk. Het ontwerp van het
park ligt in handen van Michael en Werner, mannen met een zuid-europees
accent. Zij worden geassisteerd door Winfried die op zijn laarzen de
woeste grond aanstampt.
------------------------------------------------------------------
Hoe dit park in het klein er uiteindelijk uit zal gaan zien is in dit
stadium nog te vroeg om verder op in te gaan. Hier en daar zijn weliswaar
struiken geplaatst en jonge bomen, maar het grootste gedeelte, gezien de
werkzaamheden, wordt toch grasveld. Het wordt haast eentonig te
vermelden, doch het meisje blijft onverstoorbaar in haar boek lezen,
terwijl enkele voorbijgangers de mannen van de gemeente gadeslaan. Ik
zit nog steeds op het halfsteens muurtje en heb een voortreffelijk uitzicht
op dit jaren vijftig tafereel. Onder de voorbijgangers bevinden zich ook
enkele vrouwen die driftig discussiëren over het tot stand komen van het
park. Ene Petra geeft duidelijk te verstaan dat, als zij de leiding zou
hebben, nou?! Terwijl Jantje met een hollands accent en Irmtraud met
een gitaar op haar rug een bescheiden houding aannemen.
------------------------------------------------------------------
Heerlijk is het voor mij, als observator van dit hele gebeuren, hoe door
lichaamstaal en de namen die onderling uitgesproken worden, de plaats die
men in de maatschappij inneemt duidelijk wordt. Neem bijvoorbeeld ene
Astrid die, altijd bekommert om het welzijn van de mensen, iedereen
voorziet van gekoelde sinas. Of Matthias en Harald die als echte
levensgenieters naast mij plaatsnemen en genieten van het meegebrachte
water met schuim. Of daarentegen Norbert die gezien zijn fotografische
uitrusting voor een plaatselijke krant werkzaam moet zijn. Niemand heeft
intussen oog voor het meisje die nog steeds met onverstoorbare kalmte in
haar boek leest. Althans nog niet, want het werk vordert gestaag in haar
richting. Knooperweg.
------------------------------------------------------------------
Uit een openstaand raam boven een winkel klinkt melancholisch pianospel
en gezang. Volgens de arbeider Jochen de plaatselijke troubadour Bernard
en de gepassioneerde zangeres Dorothee. De zachte klanken meegevoerd op
de zachte lentebries trekken de aandacht van enkele mensen die op
doorreis schijnen te zijn en die zich aan elkaar voorstellen, zoals Sabine,
Gerty en ene Jean-Claude, een man met een Frans accent. Trouwens,
meerdere voorbijgangers blijven staan kijken, maar om hen allen te leren
kennen zou te veel vergen.
------------------------------------------------------------------
Plots echter wordt de aandacht van alle aanwezigen gevestigd op noch een
kar met paard, waarop een nieuwe zitbankje voor het park prijkt. De man
voor op de bok, aangesproken door de arbeiders met Bernd, is tot mijn
verbazing de eerste persoon die de aandacht van het meisje weet te
trekken. Zij slaat haar boek dicht en loopt naar Bernd die inmiddels bezig
is de touwen waarmee het bankje is vastgesnoerd los te maken. De
arbeiders hebben zich inmiddels ook verzameld rondom het bankje op
dekar. En een drukke discussie volgt over waar het bankje te plaatsen, als
het meisje begint te praten en vraagt waar de oude bomen zijn gebleven
die voorheen de omgeving sierden? Op een van de laag hangende takken
namelijk kon zij zo heerlijk zitten te lezen. ?s Morgens op weg naar
school, zo vertelt ze, stonden ze er nog en ?s middags waren ze weg. Ze
had tranen met tuiten gehuild.
------------------------------------------------------------------
Behoorlijk aangedaan door het verdriet van dit meisje, stapt de chef
Michael resoluut naar voren en vraagt naar haar naam. Ze kijkt hem
vertederend aan en antwoordt; ?Doris?. Hierop stort Michael zich met de
anderen in een druk overleg. Ademloos volg ik het hele gebeuren, als
Michael zich tot het meisje richt en haar vertelt dat naast het bankje
nieuwe boompjes zullen worden geplant en dat men het bankje van een
naamplaatje zal voorzien met daarin voor altijd de naam Doris gekerft.
------------------------------------------------------------------
Nog nooit in mijn leven heb ik een meisje gelukkiger gezien.

Zurück

Share